Blog over zaken uit mijn boek 'Geldmoord: hoe de centrale banken ons geld vernietigen'


Dag van het pi-getal en geldmoord

Op 14 maart 1706 is het werk Synopsis palmariorum matheseos van William Jones verschenen. In dat boek wordt voor zover bekend voor het eerst de teken π gebruikt voor het pi-getal (er zijn aanwijzingen dat het pi-getal zelf duizenden jaren geleden al bekend was in het oude Egypte, in Babel en India). Het pi-getal, doorgaans afgekort tot 3,14 hoewel het een oneindig getal is, geeft de verhouding tussen de omtrek en diameter van een cirkel weer.

Het π-teken wordt sinds 1934 universeel gebruikt voor het pi-getal. Goed, wat heeft dat met geldmoord te maken, vraagt u zich nu misschien af? Niet veel, het is niet zo dat de gemiddelde inflatie sinds 1934 3,14 procent per jaar is (was het maar zo, de totale inflatie in Nederland, het land met de relatief lage inflatie, tussen 1934 en 2014 bedraagt 1980,1 procent!). De overeenkomst tussen het pi-getal en inflatie is dat het teken π óók gebruikt wordt om inflatie aan te duiden in economische wetenschap. En dat is ergens best symbolisch omdat het getal pi zoals gezegd oneindig is. Hetzelfde geldt voor inflatie sinds de oprichting van de centrale banken, zoals ik laat zien in Geldmoord.

Niet dat u daar overigens ook maar één woord over hebt gehoord of gelezen tijdens de jaarlijkse Week van het Geld in Nederland en de European Money Week in Europa, het jaarlijks terugkerend evenement georganiseerd door de financiële sector, inclusief de centrale banken, om ‘basisschoolleerlingen te leren omgaan met geld’ en de kennis over financiële zaken te verhogen. De onwelgevallige feiten, zoals een zodanige uitholling van de waarde van ons geld dat ik meen dat we van een geldmoord moeten spreken, worden jaar in jaar uit vakkundig genegeerd.